Natuur tussen Maas en Rijn beleven!



Startpagina.
Algemene informatie over de Eifel.
Excursies en lezingen.
Deelgebieden:
-
Eifel
-Limburg
Natuurreservaten en wandelgebieden.
Geschiedenis van de Eifel.
Archeologische plekken.
Historische plaatsen.
Water in de Eifel.
Geologie van de Eifel.
Oude ambachten.
Mijnbouw & oude
industrie.
Paddenstoelen.
Wildparken & Musea.
Feesten.
Heiligen.
Wandelroutes.
Kinderwagenwandelingen.
Links.
Over ons.
Contact/Colofon.
Fotopagina´s.
Alfabetisch register
Naar de Duitstalige sites/ Zu den deutschen Seiten.













Schinveldse bossen.

Ligging: Nederlands-Limburg, nabij Schinveld.
Hoogteligging: 57-72 meter boven N.A.P.
Oppervlakte:
Eigenaar: 
Natuurmonumenten.
In beheer sinds:

Algemeen.

De Schinveldse bossen vormen een groot boscomplex in het noordoosten van Zuid-Limburg. De bossen vormen een afwisseling van loofbossen, grotendeels eiken-berkenbossen, en naaldbossen, grotendeels dennenbossen. Midden in het gebied ligt de Schinvelder Es, een complex van kleinschalige akkers en weilanden. Ook liggen er diverse voormalige groeves in het gebied die tegenwoordig vol water zijn en kleine meertjes vormen.  Door het Vosbroek, een nat deelgebied, stroomt het Russcherbeekje. Aan de noordkant grenst het natuur- en landschapspark Rode Beek-Rodebach aan het gebied.


Rabatten.

In de Schinveldse bossen liggen veel rabatten. Hiermee worden langwerpige ophopingen tussen greppels aangeduidt. De rabatten bestaan uit de opgeworpen grond die afkomstig is uit de greppels erlangs. Rabatten worden in bossen op meestal zeer natte, moerassige plekken aangelegd om zodoende droge stroken te verkrijgen waarop het aanplanten van bomen mogelijk is. Het overtollige water wordt dan via greppels afgevoerd. Soms worden er ook op droge bodems rabatten aangelegd. De breedte van rabatten kan nogal verschillen en loopt uiteen van twee tot tien meter. De lengte bedraagt al snel tientallen meters. Opvallend in een rabattenbos is dan ook dat er vaak vele greppels op korte afstand van elkaar liggen. De aanleg van rabatten is sinds 1799 bekend. Veel rabatten in Nederland stammen uit de tijd van de werkverschaffing in de jaren 30 van de vorige eeuw. Toen werden veel werkelozen ingezet om nieuwe stukken land te ontginnen. Het aanplanten van bomen op rabatten komt bij diverse soorten bomen voor, zowel bij Grove den (Pinus sylvestris), Fijnspar (Picea abies), populieren als eikenhakhoutbossen.

Geologie.

Mycologie.

Flora.

De bossen bestaan uit een afwisseling van loof- en naaldbossen. De loofbossen bestaan grotendeels uit zomereiken-berkenbos waarbij Zomereik (Quercus robur) de boomlaag domineert. Ruwe berk (Betula pendula) is duidelijk minder aanwezig. In de ondergroei staan lage struiken en kleine bomen als Hazelaar (Coryllus avellana), Sporkehout (Frangula alnus), Gewone lijsterbes (Sorbus aucuparia) en soms zelfs Wilde mispel (Mespilus germanicus). Een opvallend veel voorkomende soort in de ondergroei is ook de Wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum). Daarnaast staan er veel varens, met name veel Brede stekelvaren (Dryopteris dillatata) en Smalle stekelvaren (Dryopteris carthusianorum). Maar langs de ontwateringsgreppels en andere ietwat vochtigere plekjes groeit ook Wijfjesvaren (Athyrium filix-femina) en zelfs de bijzondere Dubbelloof (Blechnum spicant) met twee soorten bladeren. De buitenste bladeren met brede bladen van de eerste orde zijn steriel terwijl de middelste, doorgaans rechtopstaande bladeren sporen vormen. Ook Bochtige smele (Deschampsia flexuosa) en Hengel (Melampyrum pratense) komen veel voor. In bepaalde delen van het gebied, onder meer in het Vosbroek, staat op wat rijkere bodems ook veel Dalkruid (Maianthemum bifolia) en Lelietje-van-dalen (Convallaria majalis) in de ondergroei. Ook Veelbloemige salomonszegel (Polygonatum multiflorum) is hier te vinden.
In de naaldbossen, doorgaans met Grove den (Pinus sylvestris) met een kenmerkend bovenste deel van de stam, maar ook met Zwarte den (Pinus sylvestris), met een geheel donkere stam, wordt de ondergroei vaak gedomineerd door Adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) of bramen (Rubus sp.). Er komen ook stukken voor met Japanse larix (Larix kampfaeri) en Fijnspar (Picea abies).
In de vochtige delen, met name in het Vosbroek, groeien elzenbroekbossen met Zwarte els (Alnus glutinosa) en Geoorde wilg (Salix auriculata). In de ondergroei staat Bitterzoet (Solanum dulcamara), Gele lis (Iris pseudacoris) en Blauw glidkruid (Scuttelaria gallericulata). Ook staan er diverse soorten veenmossen (Sphagnum sp.).
De Schinvelder Es, een complex van akkers en weilanden, was vroeger bekend vanwege zijn rijke akkerflora. Tegenwoordig zijn hier en daar nog Grote klaproos (Papaver rhoeas), Valse kamille () en Gele ganzenbloem (Chrysanthemum segetum) aanwezig. In een klein akkertje nabijhet Nonke Buusjke, een museum dat het leven van vijftig jaar geleden toont, groeit ook veel Slofhak (Anthoxanthum arisatum).

Fauna.


De Schinveldse bossen vormen een uitgestrekt boscomplex en zijn derhalve uitermate geschikt voor allerlei bosvogels. In de open bossen is op allerlei plekken de Fluiter () aanwezig.Zijn kenmerkende zang is op allerlei plekken hoorbaar. Ook de Bonte vliegenvanger () is hier en daar nog aanwezig. De Koekoek () laat zich regelmatig horen.
In de hoge bomen nestelen diverse soorten roofvogels.Onder meer Havik (), Buizerd () en Sperwer () zijn er jaarlijks aanwezig. De Wespendief () is bijna ieder jaar wel als zomergast of als broedvogels in het gebied aanwezig. Rondom de voormalige kleigroeves in het gebied zijn allerlei amfibieen aanwezig. Onder meer Bruine kikker ( Rana temporia ), Middelste groene kikker ( Rana esculenta ) en Poelkikker (
). In de ondiepere plassen op de weg leven Kleine watersalamander ( Lisotriton vulgaris ) en Alpenwatersalamander (). Boven het water van de plassen vliegen allerlei soorten libellen, zoals Grote keizerslibel ( Anax imperator ), Smaragdlibel (), Azuurwaterjuffer ( Conagrion puella ), Lantaarntje ( Ischnura elegans ) en Gewone oeverlibel (). Zelfs de Bruine winterjuffer () is er aanwezig. In de zomer van 2011 werd zelfs de Bruine korenbout () ontdekt in het aangrenzende Natuurpark Rode Beek-Rote Bach.
Typische bosvlinders als Kleine ijsvogelvlinder ( Limentis camilla ) en Bont dikkopje ( Cartocephalon palaemon) ontbreken ook niet. De Kleine ijsvogelvlinder is op diverse plekken in het bos aanwezig. Het Bont dikkopje doet het duidelijk minder goed.Reeen (Capreolus capreolus ) zijn ook veel aanwezig in de Schinveldse bossen, met name in de schemering laten ze zich ook zien.

Onderweg in het gebied.

Het gebied is ontsloten door een netwerk van smalle paadjes en brede boswegen. Startpunten zijn onder meer het zweefvliegveld aan de noordkant, het infopunt Rode beek bij het dorp Schinveld, de parkeerplaats nabij de Heringshof en de doodlopende weg nabij de Zwarte markt.

Tijd.

Wat de beste tijd is om het gebied te bezoeken, hangt helemaal van je interesse af. Vanaf begin mei zijn er vele bosvogels actief. In mei bloeit ook Dalkruid en Lelietje van dalen en vliegt het Bont dikkopje. In juni begint de Kleine ijsvogelvlinder te vliegen en bloeit de Wilde kamperfoelie in het bos. In de herfst zijn er allerlei bijzondere en algemene paddenstoelen aanwezig.
Voor een bezoek aan het gebied kun je een hele dag uittrekken, het loont zich voor een flinke wandeling. Korte tochten zijn natuurlijk ook mogelijk.