Natuur tussen Maas en Rijn beleven!



Startpagina.
Algemene informatie over de Eifel.
Excursies en lezingen.
Deelgebieden:
-
Eifel
-Limburg
Natuurreservaten en wandelgebieden.
Geschiedenis van de Eifel.
Archeologische plekken.
Historische plaatsen.
Water in de Eifel.
Geologie van de Eifel.
Oude ambachten.
Mijnbouw & oude
industrie.
Paddenstoelen.
Wildparken & Musea.
Feesten.
Heiligen.
Wandelroutes.
Kinderwagenwandelingen.
Links.
Over ons.
Contact/Colofon.
Fotopagina´s.
Alfabetisch register
Naar de Duitstalige sites/ Zu den deutschen Seiten.













Nationale Parken in Letland.

Gaujas Nacionalais Parks.

Het Gauja Nationaal Park ligt in het noordwesten van Letland, ongeveer 50 km ten noorden van Riga. Het park strekt zich uit langs het dal van de Gauja-rivier en haar zijrivieren zoals de Amata. Het park heeft een oppervlakte van 917 km2 ofwel 91.745 hectare en kreeg in 1973 de titel Nationaal Park.
De belangrijkste landschapsvormer in het park is de Gauja. In het park wordt de natuur langs deze rivier beschermd, evenals zandsteenrotsen, oerbossen, kleine en grotere meertjes en ook enkele culturele monumenten waaronder de burcht van Sigulda. Enkele fraaie rotspartijen zijn de 16 meter hoge Zvarta Iezis langs de Amata, de Erglu-rots en de Kazu- rots. Bekende grotten zijn de Gutmana Ala en de Velna Ala.
Bijna de helft (47%) van het Nationaal Park is met bos bedekt. Er zijn meer dan 900 plantensoorten gevonden, waarvan er 42 beschermd zijn. Ook werden er 40 vissoorten, 8 amfibieën en 5 reptielen, 150 vogelsoorten en 48 soorten zoogdieren geteld.
Naast wandelen kan men ook kanovaren en raften op de Gauja.
Het Nationaal Park is opgedeeld in 3 zones, 40% bestaat uit natuurreservaten, 10% recreatiegebieden en de overige 50% heeft een neutrale status en wordt gebruikt voor landbouw en bosbouw.
Enkele natuurreservaten zijn voor de bezoekers niet toegankelijk waaronder Nurmizu, Rocu en Krimulda, allen gelegen op de dalhellingen. Verder is ook het centrale deel van het Sudas Purvs (hoogveen), een ornithologisch reservaat, niet te bezoeken.
In Ligatne ligt een uitgestrekt wildpark dat de dieren in relatief grote en natuurlijke verblijven laat zien en waarbij de bezoeker de keuze heeft uit een autoroute met diverse stops of een circa 7 kilometer lange wandelroute langs de dieren. Er zijn onder meer te zien: Wolf (Canis lupus), Bruine beer (Ursus arctos), Edelhert (Cervus elaphus), Ree (Capreolus capreolus), Eland (Alces alces), Wild zwijn (Sus scrofa), Lynx (Lynx lynx) en Wasbeerhonden (Nyctereutes procyonoides).

Kemeru Nacionalais Parks.

Het Kemeri Nationaal Park ligt in het midden van Estland, circa 50 kilometer ten westen van Riga. Het park is 38.165 hectare groot en werd in 1997 opgericht. Het omvat zwavelzuurbronnen, rivieren, meren, graslanden, duinen, moerassen, hoog- en laagvenen, heides en bossen. Er leven Kwartelkoning (Crex crex), Kraanvogel (Grus grus), Bosruiters (Tringa glareola), Schreeuwarend (Aquila pomarina), Zwarte ooievaar (Cicionia nigra), Edelhert (Cervus elaphus), Wild zwijn (Sus scrofa), Eland (Alces alces) en Bever (Castor fiber).
In het stadje Kemeri liggen zwavelbronnen, een kuurpark en een kuurbad.

Slitere Nationaal Park.

Het in 2000 opgerichte Slitere Nationaal Park ligt aan de noordpunt van het Koerische schiereiland. In 1921ontstond het als natuurreservaat. Het gebied heeft een oppervlakte van 16.360 hectare ofwel 150,6 km2. In de vuurtoren van Slitere is een infocentrum gevestigd. Voordat de vuurtoren werd gebouwd stond op deze plek een enorme eik die door de zeelieden als baken werd gebruikt. De eik verdween tijdens een onweer en in 1849 begon men met de bouw van een vuurtoren. Toen was de vuurtoren alleen bij dag een baken. De verlichting kwam pas na de Tweede Wereldoorlog. De afstand van de zee vanaf de toren is 5,3 kilometer. Toegang tot het reservaat op en aan de voet van de 35 meter hoge steile rand van de Zilie Kalni (Blauwe bergen) aan de voet van de vuurtoren kan alleen tegen een kleine vergoeding onder begeleiding van een gids. De blauwe bergen zijn een 20 km lange en 35 meter hoge steile helling die tussen 11.000-9.000 jaar geleden de oever van het Baltische Ijsstuwmeer vormden. De voet van de blauwe bergen is begroeid met een soort oerbos, ook ligt er een overgangsveen en een vochtig sparrenbos. De rest van het gebied bestaat uit uitgestrekte Grove dennenbossen, kustduinen en een hoogveen. Helaas is in de droge zomer van 1992 door bosbrand 3300 hectare hiervan verbrand. In het park komen 860 plantensoorten voor, evenals 128 mossoorten, 195 soorten korstmossen, 40 soorten zoogdieren, 130 soorten broedvogels, 7 soorten reptielen, 9 soorten amfibieën en 13 zoetwatervissen. Bijzondere soorten zijn de Europese moerasschildpad (Emys orbicularis), Gladde slang (Coronella austriaca), Oehoe (Bubo bubo), Rood peperboompje (Daphne mezereum), Wilde judaspenning (Lunaria rediviva), Taxus (Taxus bacata), Visarend (Pandion haliaetus) en Daslook (Allium ursinum).

          

Er wonen 2 families Wolven (Canis lupus) en 2 families Lynx (Lynx lynx). In het park woont het volk van de Lijven, een volk van Finnisch-Ugrische afkomst die vooral van de visvangst leefde. Tegenwoordig zijn Lijven te vinden in de plaatsen Sikrags, Marzibe en Kolka.

Teicu reservaat.

Rondom het Teicu reservaat liggen allerlei weilanden, die in de tijd van de Sowjet-Unie nog gehooid werden. Nu gebeurt dat niet meer omdat er niemand meer interesse in het hooi heeft. De weilanden groeien dus langzaam vol met struiken en bomen en dat is slecht voor de weidevogels. Nu geeft de directie van het Teicu-reservaat geld aan de boeren om te komen hooien.
Ten tijde van de Sowjet-Unie, nog rond 1980, doorsneed een weg het reservaat, tegenwoordig is deze onbruikbaar geworden omdat hij steeds verder in het veen verzinkt.
Door het reservaat loopt een houten pad dat gefinancierd wordt met het geld dat men binnenhaalt met de rondleidingen. Op de beverburchten langs het pad zijn regelmatig zonnende Adders (Vipera berus) te zien. In het reservaat ligt het Islienas Ezers (meer), met aan de oever onder meer Waterscheerling (Cicuta virosa).Op een mineraal eiland staat een hoge uitkijktoren vanwaar je kunt uitkijken over het hele reservaat. Hier stonden vroeger 7 boerderijen. In de hoogveengebieden broeden veel Korhoenders (Tetrao tetrix) en enkele Goudplevieren (Pluvialis apricaria).