Natuur tussen Maas en Rijn beleven!



Startpagina.
Algemene informatie over de Eifel.
Excursies en lezingen.
Deelgebieden:
-
Eifel
-Limburg
Natuurreservaten en wandelgebieden.
Geschiedenis van de Eifel.
Archeologische plekken.
Historische plaatsen.
Water in de Eifel.
Geologie van de Eifel.
Oude ambachten.
Mijnbouw & oude
industrie.
Paddenstoelen.
Wildparken & Musea.
Feesten.
Heiligen.
Wandelroutes.
Kinderwagenwandelingen.
Links.
Over ons.
Contact/Colofon.
Fotopagina´s.
Alfabetisch register
Naar de Duitstalige sites/ Zu den deutschen Seiten.













Lezingen.

Voor natuurverenigingen zoals IVN-afdelingen, Natuurwacht Zuid-Oost Limburg, het Natuurhistorisch Genootschap in Limburg en voor de Duitse NABU verzorgden wij in het verleden al talloze lezingen. Ook andere verenigingen zoals Zijaktief, de Katholieke Ouderenbond, de Nederlands-Baltische Vereniging, bibliotheken, GaiaZoo en het Catharinagilde benaderen ons regelmatig voor het houden van een lezing. Speciaal voor deze doelgroep hebben we ook cultuurhistorische lezingen en lezingen over algemene onderwerpen zoals dieren in de dierentuin of cultuurhistorische reisverslagen in ons programma opgenomen.
Onze lezingen kunnen worden gehouden in zowel Nederlands als Duits (desgewenst ook in het Limburgs dialect). De lezingen zijn grotendeels dialezingen, al dan niet gecombineerd met een beamerpresentatie. De duur van de lezingen varieert van 45 minuten tot 1,5 uur. Voor een overzicht van de mogelijkheden kunt u in onderstaand overzicht terecht.
In veel gevallen is het mogelijk de lezing te combineren met een wandeling of excursie met hetzelfde onderwerp als de lezing. Dan kunt u de lezing dus als een soort voorbereiding op de wandeling beschouwen.

Natuurgebieden:

De Roer van bron tot monding (2 lezingen).

     

De Roer is een van de belangrijkste riviertjes van de Duitse Eifel. Ze ontspringt in de Hoge Venen nabij de Botrange. Via de omgeving van Sourbrodt stroomt de nog jonge Roer naar Küchelscheid waar ze Duitsland binnenstroomt. In het gebied tussen Gut Reichenstein en Monschau gedraagt ze zich als een echte bergbeek met stroomversnellingen en veel rotsen in de bedding. Daarna stroomt ze door het vakwerkdorpje Monschau. Hier werd het water in het verleden gebruikt voor het produceren van lakenstof. Het geld dat hiermee verdiend werd werd gebruikt voor de bouw van prachtige patriciershuizen. Verder stroomt de Rur langs Hammer, waar met waterkracht een Hammerwerk (een ijzerfabriekje) werd aangedreven. Niet veel later verenigd de Rur zich bij Einruhr met de Erkensruhr. Nu komt ze in het gebied van de stuwmeren, waarvan de Rursee het belangrijkste is. Hier bevindt zich ook Nationaal Park Eifel met uitgestrekte beukenbossen. Een ander opmerkelijk gebied zijn de Buntsandsteinrotsen bij Nideggen. Heimbach met zijn bedevaartskerk en het nabijgelegen Kloster Mariawald zijn in trek bij pelgrims en dagjesmensen. Verder gaat het nu in de richting van het stuwmeer van Obermaubach. Nabij Kreuzau liggen diverse papierfabrieken langs de Rur, net als in Düren. Bij Düren heeft de Rur het bergland van de Eifel verlaten en stroomt ze door het laagland in de richting van Jülich met zijn fraaie citadel. Stroomafwaarts van Jülich wordt de rivier gezoomd door populieren, maar er liggen ook fraaie zacht- en hardhoutooibossen met een rijke voorjaarsflora. Een hoogtepunt vormt de bloei van de Wilde hyacinten in de bossen nabij Linnich. Bij Hückelhoven ligt ook de voormalige mijn Sophia Jacoba. Langs Wegberg en Wassenberg bereikt de Roer Nederland. Hier meandert ze relatief vrij door het Natura 2000 gebied Roerdal. Hoewel de Roer hier door een vlak landschap stroomt, is er toch heel wat te ontdekken. En het op het eerste oog vlakke landschap, blijkt toch heel divers te zijn, met oeverwallen en komgronden, afkalvende oevers en verlande meanders. Bijzondere libellen als de Gaffellibel, de Kleine tanglibel en de Beekrombout vliegen hier over het water. Langs de oever zijn de sporen te zien van Bevers en de oplettende bezoeker merkt ook de IJsvogel op. In de steilwanden broeden Oeverzwaluwen. Een bijzonder bouwwerk is de basiliek in Sint-Odilienberg. Maar ook de oude boerderijtjes aan de Hammerstraat in Herkenbosch zijn fraai om te zien. In bisschopsstad Roermond mondt de Roer uit in de Maas.
In het eerste deel van deze lezing komt de Eifelrur, van haar bron op de Hoge Venen tot de omgeving van Obermaubach aan de orde. In het tweede deel de Rur in het laagland, van Kreuzau tot haar monding in de Maas.


Het Natuurreservaat Perlenbachtal in de Eifel.

     

Een beekdal in de Eifel in de nabijheid van Monschau wordt in deze lezing nader onder de loep genomen. Het is één van de laatste gebieden waar nog rivierparelmossels voorkomen, hieraan dankt het riviertje ook zijn naam. In het verre verleden werden deze mosselen geoogst om de parels eruit te halen. Voor mosseldieven stond op de Galgenberg een galg klaar. De weilanden langs de rivier werden vroeg in het voorjaar met sneeuwwater bevloeid en in de zomer werd er gehooid. Door alleen deze natuurlijke bemesting toe te passen ontstond er een uitbundige flora met als hoogtepunt de Wilde narcissen die vroeg in het voorjaar bij 1000-en bloeien. In de zomer staat er Bergvenkel, Betonie, Arnica, Adderwortel, Bergcentaurie, Wilde tijm en daarboven vliegen allerlei bijzondere parelmoervlinders. Natuurlijk komen we veel meer tegen. De lezing kan worden gecombineerd met een narcissenwandeling in april onder onze leiding. Of met een tocht waarbij gekeken wordt naar dagvlinders en de bijzondere flora in juni of begin juli.

Natuur en cultuur van Nationaal park Eifel.

     

Tijdens deze lezing staat het nieuwe Nationaalpark Eifel centraal. Dit heeft een rijke geschiedenis. Het ontstond namelijk uit een militair opleidingsinstituut uit de periode van het Nationaal-Socialisme, werd vervolgens oefenterrein voor militairen uit Engeland, Belgie en van de Nato. De grote Ordensburg herinnert nog aan deze periode. Ook ligt er het verwoeste dorpje Wollseifen met zijn oude kerk met daaromheen resten van de oude onkruidvegetatie van vroegere dorpen. Daarnaast ligt er het stuwmeer van de Urft. In de bossen, veelal beuken- en eikenbossen, leven allerlei bijzondere dieren. Onder meer de Zwarte wouw, de Zwarte ooievaar, de Bever, de Muurhagedis, de Gladde slang, de Vroedmeesterpad en de Grote weerschijnvlinder. Maar ook planten als Duitse hondstong, Elsbes en Witte veldbies. Ook liggen er uitgestrekte extensieve graslanden, die ooit werden gebruikt als oefenterrein voor de tanks. Deze kennen ook een bijzondere flora en fauna met onder meer Grauwe klauwier, Grote bremraap en Veldleeuwerik. Op de rotsen langs het stuwmeer van de Urft leven Muurhagedissen en Gladde slangen. Er wordt ingegaan op de flora en fauna van de bossen, maar ook op de historie ervan.
De lezing kan worden vervolgd met een bezoek aan het gebied onder onze leiding.

Het Natuurreservaat Siebengebirge.

     

Het Siebengebirge is een prachtig middelgebergte aan de rand van het Rijndal nabij Königswinter. Het is het oudste natuurreservaat van Duitsland dat op de nominatie staat om in 2010 het tweede Nationale Park van Noordrijn-Westfalen te worden. Dit gebied zal voor veel mensen uit onze streek bekend zijn van de uitstapjes die ze vroeger maakten. Een boottochtje over de Rijn met aansluitend een tocht met de tandradbaan naar de top van de Drachenfels en vervolgens op de rug van een ezel weer terug naar onder was vroeger een hele onderneming. Een vakantie waard zelfs!
Het Siebengebirge bestaat uit bossen, wijngaarden en hoge kale rotspunten met basaltgesteente. Er leven dieren als de Muurhagedis, de Grijze gors en de Slechtvalk. Opvallende planten zijn Vroege sterhyacint, Elsbes, Rotsschildzaad en Echt longkruid. Ook groeit er in de herfst een keur aan bijzondere paddenstoelen met als hoogtepunt de Spechtinktzwam.
Het gebied is verweven met een opvallende geschiedenis. Op diverse toppen staat de ruine van een oud kasteel en vele toppen zijn omwonden met sages. Ook zullen we ervaren waarom de Nederlandse naam Zevengebergte fout is.
Fraaie cultuurmonumenten zijn onder meer de ruine van het oude Klooster Heisterbach, die in een fraai dal temidden van de bossen ligt. Of de oude kapel op de Petersberg vanwaar we prachtig uitzicht hebben op het Rijndal. De ruine van de Drachenfels en de Drachenburg met halverwege de helling de Nibelungenhalle worden niet overgeslagen.
De lezing kan worden vervolgd met een excursie door het gebied onder onze leiding.

Flora en fauna van het Moezeldal.

     

Het dal van de Moezel, met wijndorpen als Cochem, Ediger-Eller en Zell, is bij vele Limburgers waarschijnlijk goed bekend van dagtrips en korte vakanties. Wereldberoemd is de Zeller Schwarze Katz, een witte wijnsoort. Veel minder bekend is dat het Moezeldal ook een bijzonder natuurreservaat is. Het gebied is door zijn gunstige ligging een plek met zeldzame, warmteminnende planten en dieren. We vinden er een aantal bijzondere planten, zoals de Rotsgeelster en de Vuurwerkplant, bijzondere vogels zoals de Grijze gors en vele vlinders zoals de Tweekleurige parelmoervlinder, het Vetkruidblauwtje en de Apollovlinder. Ook leven er Gladde slangen, Smaragdhagedissen en allerlei soorten sprinkhanen.

Het Wormdal, mijnbouw, meanders en molens.

     

Tijdens deze lezing maakt u kennis met het Wormdal. De Worm ontspringt uit diverse bronbeekjes in het uitgestrekte Aachener Wald. Ook de warme bronnen van Burtscheid leveren haar water. Niet voor niets vestigde de aan reuma lijdende Karel de Grote zijn paleis in het Wormdal. Nadat ze een tijdland ondergronds gestroomd heeft, komt de Worm in een prachtig natuurgebied waarin ze naar hartelust mag meanderen. In het Wormdal bij Kerkrade wordt al sinds eeuwen steenkolenmijnbouw bedreven. U maakt kennis met deze mijnbouw, van de primitieve mijnen van abdij Rolduc tot de moderne mijnbouw van de Eschweiler Bergwerksverein. De steenbergen hebben zich ontwikkeld tot ware eldorados voor planten en dieren. Koniginnepage, Vroedmeesterpad en Driedistel vormen hiervan goede voorbeelden. Het dal van de Worm heeft echter nog veel meer te bieden. Langs de oever leven Bevers en in de steile wanden maken IJsvogels hun holen. Vroeger werd de waterkracht van de Worm op allerlei manieren gebruikt, er lagen watermolens om graan te malen of om olie te persen. Ook werden waterraderen ingezet om de steenkolenmijnen droog te pompen. Een apart hoofdstuk vormt Burg Wilhelmstein, een hoogteburcht. Verder gaat het naar de ooibossen bij Haanrade, een stukje jungle in Kerkrade. Daarna stroomt de Worm langs het lintdorp Rimburg met zijn fraaie hoeves in de richting van Geilenkirchen. Onderweg komt ze langs de fraaie landhuizen van Schloss Zweibrüggen en Haus Trips. Verderop ligt Gut Leerodt. Nu stroomt ze naar Hilfahrt waar vroeger wilgentenen gevlochten werden. Via Ober- en Unterbruch passeert ze Heinsberg om bij Kempten in de Rur uit te monden.
Deze lezing vormt een uitstekende voorbereiding op een wandeling door het Wormdal onder onze leiding.

De Brunssummerheide, een b(l)oeiend gebied.

     

Een lezing over de Brunssummerheide in oostelijk Zuid-Limburg. Na een korte uitleg over de geologische ondergrond en de ontstaanswijze hiervan wordt ingegaan op de wijze waarop de mensen de verschillende delfstoffen onder de Brunssummerheide (steenkool, bruinkool, zilverzand, klei en grind) hebben gebruikt en wat hiervan nog te zien is. Daarna komen de verschillende biotopen van het gebied aan de orde. Hiertoe behoren de droge en de natte heide, het hoogveen in het bronnengebied van de Rode Beek, de droge dennenbossen en de eiken-berkenbossen. Veel aandacht is er voor de bijzondere flora en fauna van het gebied met onder meer Hoogveenglanslibel, Zuidelijke oeverlibel, Blauwvleugelsprinkhaan, Veldkrekel, Heivlinder, Dennenorchis, Zonnedauw en Klokjesgentiaan. Natuurlijk wordt ook stilgestaan bij de vele paddenstoelen in het gebied.
De lezing vormt een uitstekende voorbereiding op een excursie door het gebied onder onze leiding.

Reisverslagen:


Lezing over de Nationale Parken in Spanje (deel 1).

     

In deze lezing maken we kennis met de flora, fauna en landschappen van enkele Nationale Parken in Spanje. Een bezoek aan deze gebieden is het fraaist in het voorjaar. In het noorden van Spanje ligt het moerasgebied Aiguamolls de l´Emporda. Hier leven allerlei soorten watervogels. Iets westelijker ligt het Ebro-bekken met zijn steppegebieden rondom Belchite. Net als in de Extremadura kunnen hier bijzondere steppevogels gezien worden. Kleine en Grote trap, Griel, Kuifkoekoek en allerlei soorten leeuwerikken bewonen de uitgestrekte grasvlaktes waarop schaapskuddes grazen. In de Extremadura ligt ook Nationaal Park Monfrague met zijn gierenrotsen. Hier leven Vale gieren, Monniksgieren en Aasgieren. Daarnaast is ook de Zwarte ooievaar er geen zeldzaamheid. Een exotische verschijning vormen de Blauwe eksters. In de steden leven Kleine torenvalken en Roodstuitzwaluwen. Tijdens deze lezing maakt u ook kennis met enkele fraaie voorbeelden van de Spaanse cultuur en bouwkunst.

Lezing over de Nationale Parken in Spanje (deel 2).

     

In deze lezing maken we kennis met de flora, fauna en landschappen van enkele Nationale Parken in Spanje. Een bezoek aan deze gebieden is het fraaist in het voorjaar. Helemaal in het zuiden van Spanje ligt de Cota Donana, een moeras-en duinengebied met Flamingos, diverse soorten reigers, eenden en een exotische flora. Een tegenstelling met dit warme gebied vormen de vele berggebieden in Spanje. Helemaal in het noorden liggen de Pyreneeen met hun beuken-, dennen- en zilversparrenbossen met daarboven de kale rotsen waaromheen Alpenkraaien en Lammergieren cirkelen. Ook leven er de laatste Bruine beren van Spanje, samen met Alpenarmotten en Gemzen. Bijzondere endemische planten zijn Ramonda pyrenaica en Carlina accanthoides. Aan de voet van de Pyreneeen leven vele Vale en Aasgieren die de schaapskuddes tijdens de transhumance volgen. In de Sierra Morena grazen zwarte varkens in de dehessas. De Sierra de Gredos en de Sierra Nevada zijn het leefgebied van de Iberische steenbok. Ook groeien hier diverse soorten narcissen.Tijdens deze lezing maakt u ook kennis met enkele fraaie voorbeelden van de Spaanse cultuur en bouwkunst.

Natuur en cultuur van Malta.

          

In de Middellandse zee ligt het mini-staatje Malta. Het werd reeds bewoond in de steentijd, waarvan allerlei nederzettingen b.v. Hagar Qim, getuigen. Daarna werd het overheerst door de Arabieren, die de typische balkonnetjes naar het eiland brachten. Een tijdlang was het in handen van de Johanniterridders, die hier hun verschillende vestigingen hadden. Tenslotte was het een tijdlang in Britse handen, waardoor er nu nog steeds links wordt gereden. Naast vele culturele bezienswaardigheden kent het ook een aantal botanische verassingen. In het vroege voorjaar bloeien er al enkele soorten orchideeën en bolbloeiers.

Natuur en cultuur van Marokko.

               

Marokko is het thuisland van veel van onze landgenoten. Van het land zelf weten de meesten echter weinig. In deze lezing wordt gepoogd een blik te werpen in de cultuur van dit Noord-Afrikaanse land. In de steden zien we de souks, de kleurrijke markten, de moskeeën en de waterverkopers. Ook maken we een tocht door het land en komen langs het Atlasgebergte, de oases aan de rand van de Sahara en door het Rifgebergte. De aandacht gaat hierbij uit naar de geologische opbouw van het land en de planten en dieren die we onderweg tegenkomen.

Oerbos Bialowieza in Polen.

     

In het noord-oosten van Polen, tegen de Russische grens, ligt een grensoverschrijdend oerbos. Dit oerbos kent nog een uitgebreide fauna waar de grote zoogdieren Edelhert, Wolf en met name Wisent te vinden zijn. Ook leven er allerlei zeldzame vogels zoals Zwarte ooievaars, Kraanvogels en diverse zeldzame spechten en zangvogels. In de lezing is er met name aandacht voor de opbouw van het bos, de verschillende bijzondere planten en een aantal opvallende dieren, zoals dagvlinders, amfibieën en reptielen.


Orchideeën van Griekenland.

                    

Een rondreis langs de orchideeënrijkdom van Griekenland. We bezoeken het vasteland en de Peloponessos. Hierbij komen we naast een groot aantal orchideeën ook andere bijzondere planten tegen, zoals Zwaardlelies, Kievitsbloemen en Pijpbloemen. Ook zien we fraaie vlinders, slangen, schildpadden en vogels. Hier en daar wordt ook een culturele bezienswaardigheid aangedaan, zoals een opgraving of een klein dorpje.

     

In de landen Estland, Letland en Litouwen ligt een groot aantal Nationale parken waarin de natuur en de cultuur van de gebieden beschermd worden. De natuur is bijzonder rijk en ten dele nog heel oorspronkelijk. Zo vinden we hier hoogveengebieden, die het broedgebied vormen voor Kraanvogels, maar ook een schatkamer zijn voor vele soorten planten. Langs rivieren vinden we allerlei bijzondere libellen, maar ook vlinders, vogels en zelfs Bevers (Castor fiber) en Otters (Lutra lutra). De bossen liggen op zandbodems en bestaan voor het overgrote deel uit dennenbossen, waarin vele soorten korstmossen, wolfsklauwen en besdragende struiken groeien. De kusten worden gevormd door stranden, kwelders, rotskusten en zelfs klifkusten. Hier en daar vinden we loofbossen, met name op de kalkrotsen die het restant zijn van een vroegere kustlijn. Ook in de dorpen en de omliggende akkers en weilanden is nog veel natuur te vinden. Natuurlijk leven hier Ooievaars (Cicconia ciccionia), maar ook Grauwe klauwieren (Lanius collurio), Paapjes (Saxicola rubetra) en vele soorten akkeronkruiden zijn er te vinden. We maken enkele uitstapjes naar een aantal culturele hoogtepunten, waaronder de steden Vilnius, het Rome van het Noorden, Riga, de Europese Jugendstilstad, en Tallinn met zijn middeleeuwse binnenstad. Ook zien we de Berg met de kruisen waar enkele duizenden kruisen staan opgesteld en de vele landhuizen in het noorden van Estland.

Fauna:

Vleermuizen, geheimzinnige nachtjagers.

     

De vleermuis is voor velen een onbekend dier dat enigszins mysterieus is door zijn verborgen, nachtelijke levenswijze. Tijdens deze lezing maakt u kennis met de vleermuisin al zijn facetten. Waar kun je vleermuizen verwachten, hoe leeft de vleermuis, welke soorten zijn er en hoe kunnen we vleermuizen waarnmeen. Vleermuizen worden vaak zelfs eng gevonden, er bestaan allerlei verhalen over vleermuizen die in je haren vliegen, over bloedzuigende vleermuizen en ga zo door. Een belangrijk deel van de lezing is ingeruimd voor de vleermuizen in winterslaap. De Limburgse mergelgrotten vormen in Nederland één van de belangrijkste overwinteringsplekken voor vleermuizen. Naast meer algemene soorten als de Watervleermuis (Myotis daubentonii) en Baardvleermuis (Myotis mystacinus) vinden we er ook de zeldzame Bechsteinvleermuis (Myotis bechsteinii). Al deze soorten worden ieder jaar in de wintermaanden door een kleine groep vleermuistellers geteld. Aan de hand van de resultaten van deze tellingen kan worden bekeken hoe het de dieren vergaat. Tijdens de lezing is er aandacht voor de verschillende soorten vleermuizen, de methodiek van het vleermuistellen en voor allerlei andere aspecten die samenhangen met de grottenwereld.

Bevers, ecologie en leefwijze.

     

Bevers werden reeds lang geleden in onze streken uitgeroeid, maar sinds enkele jaren worden ze weer geherintroduceerd. Dit is belangrijk omdat de Bever een belangrijke landschapsbouwer is. Met zijn dammen stuwt hij rivierwater op en creëert zo nieuwe leefgebieden voor andere organismen zoals Ijsvogel, watersalamanders en libellen. Ook wordt hierdoor water vastgehouden, hetgeen weer goed is in het bestrijden van de wateroverlast. Verder is de Bever bekend als bomenveller. Door het omknagen van de bomen zorgen Bevers ervoor dat er meer dood hout in een gebied komt, wat goed is voor paddenstoelen en spechten. Ook komt er zo meer licht op de dalbodem van de rivierdalen. Indien er belangstelling voor is, kunnen we ook een excursie verzorgen door een leefgebied van de Bever.

Dagvlinders, bonte juwelen in het gras.

     

Vlinders verrijken de zomer met hun kleurrijke aanwezigheid. Door hun lieflijke, onschuldige gedrag vinden veel mensen vlinders mooi en aantrekkelijk. Tijdens de lezing merken we dat veel vlindersoorten in heel specifieke leefgebieden voorkomen. In vochtige bossen komen bijvoorbeeld Grote weerschijnvlinder en Bont dikkopje voor, in droge zandverstuivingen de Heivlinder en in vochtige beekdalen een uitgebreid scala aan vuur- en parelmoervlinders. Ook zijn er trekvlinders, die uit het Middellandse zeegebied naar ons land trekken en hier alleen ’s zomers aanwezig zijn. Andere soorten vinden we het gehele jaar door, dat komt omdat ze hier als volwassen insect overwinteren en bij de eerste mooie voorjaarsdag naar buiten komen. Naast vlinders worden er ook fraaie bloemen, landschappen en andere bijzonderheden getoond. Tijdens de lezing komt ook de systematische indeling van de vlinderfamilie naar voren.
Het is mogelijk om deze lezing te verbinden met een excursie (weersafhankelijk) naar een vlinderrijk gebied in onze omgeving. De beste tijd hiervoor is half mei tot half juli.

Vlinders in de Duitse Eifel.

     

Tijdens deze lezing worden eerst de verschillende soorten vlinderfamilies voorgesteld. Daarna krijgt u een overzicht van de vlindersoorten die in diverse biotopen in de Eifel voorkomen. Onder meer de vochtige graslanden in de beekdalen met diverse soorten vuurvlinders en parelmoervlinders. In de Hoge Venen komt een aantal bijzondere veenvlinders voor, waaronder de Veenbesparelmoervlinder. De zinkgraslanden bij Stolberg kennen enkele bijzondere vuurvlinders en parelmoervlinders, maar ook de blauwtjes zijn hier goed vertegenwoordigd. Een uitstapje naar de warme hellingen in het Moezeldal waar zelfs Koningspage en Apollovlinder voorkomen sluit de avond af.

Overwinterende vleermuizen in de Limburgse mergelgrotten.

     

De Limburgse mergelgrotten vormen in Nederland één van de belangrijkste overwinteringsplekken voor vleermuizen. Naast meer algemene soorten als de Watervleermuis (Myotis daubentonii) en Baardvleermuis (Myotis mystacinus) vinden we er ook de zeldzame Bechsteinvleermuis (Myotis bechsteinii). Al deze soorten worden ieder jaar in de wintermaanden door een kleine groep vleermuistellers geteld. Aan de hand van de resultaten van deze tellingen kan worden bekeken hoe het de dieren vergaat. Tijdens de lezing is er aandacht voor de verschillende soorten vleermuizen, de methodiek van het vleermuistellen en voor allerlei andere aspecten die samenhangen met de grottenwereld. Hieronder vallen onder meer het blokbreken, de champignonteelt en het toerisme in de grotten. Ook worden de andere diersoorten die in de grotten leven, zoals Steenmarters (Martes foina) en diverse soorten insecten, niet vergeten.

Biologie en ecologie van de Eekhoorn.

     

De Rode eekhoorn is onze inheemse eekhoornsoort. Tijdens deze lezing maakt u kennis met deze grappige rode pluimstaart. Het voedselgedrag, welke soorten voedsel eet de eekhoorn allemaal, de voortplanting en de nestbouw komen aan bod in deze lezing. De eekhoorn heeft doorgaans meerdere nesten, waardoor tijdens tellingen aan de hand van het aantal nesten een schatting gemaakt kan worden van de populatiegrootte. In onze contreien komt echter niet alleen de Rode eekhoorn voor, maar inmiddels zijn er diverse soorten exotische eekhoorns geconstateerd. Onder meer de Grijze eekhoorn, die in Groot-Brittanie de Rode eekhoorn bijna heeft verdrongen, maar ook de kleine Siberische grondeekhoorn. Of en in hoeverre deze soorten een bedreiging voor de inheemse Rode eekhoorn vormen, komt ook aan bod tijdens deze avond. De lezing kan worden gecombineerd met een nesttelling van eekhoorns op een mooie winterdag.

Flora:

Flora van Zuid-Limburg.

          

Tijdens deze lezing maakt u kennis met de typische flora van Zuid-Limburg. Deze is door de grote afwisseling in biotopen behoorlijk rijk te noemen. Heel beroemd zijn natuurlijk de voorjaarsbossen zoals het Savelsbos en het Bunderbos. Dit laatste kenmerkt zich door de vele bronnetjes die er voorkomen. Hier groeien planten als Bosanemoon, Gele anemoon, Aronskelk, Daslook en Zwarte rapunzel. In het Gerendal en op de Kunderberg liggen prachtige kalkgraslanden met diverse soorten orchideeen zoals Soldaatje, Vliegenorchis en Hondskruid. Ook zijn rondom Valkenburg vele hakhoutbossen te vinden waar allerlei lichtminnende bosplanten een kans krijgen. Een heel andere kant van de Zuid-Limburgse flora is de natuur in de stad. De stadsmuren in Maastricht kennen een grote rijkdom aan muurplanten met typerende namen als Muurleeuwenbek, Muurvaren en Muurbloem. Langs de autowegen duiken zoutminnende planten als Deens lepelblad op en op oude kerkhoven tieren Heelbeen en Kandelaartje welig. Heel anders is de flora van de Brunssummerheide met zonnedauw, Dop- en Struikheide en Beenbreek.

Zinkflora, een uniek stukje Euregio.

          

In de omgeving van Aken en Luik vinden we een bijzondere, endemische flora die groeit op terreinen waar zware metalen in de bodem zitten. Deze terreinen zijn onder meer te vinden in de dalen van de Geul en de Vesdre. Ook in de Duitse Eifel liggen enkele terreinen. Het is de plantengemeenschap van de zinkflora met als bekendste vertegenwoordiger het zwavelgele Zinkviooltje. Verder groeien er soorten als Engels gras, Zinkboerenkers en Zinklepelblad. Doordat de mijnen in België zijn gesloten wordt er steeds minder zink in Nederland aangevoerd en er zal snel iets moeten gebeuren om deze bijzondere flora in Limburg te houden, want zoals het nu uitziet zijn de Zinkviooltjes binnen enkele jaren verdwenen. Tijdens deze lezing zal worden ingegaan op de verschillende plantensoorten die voorkomen terreinen waar zware metalen in de bodem zitten, maar ook op de typische fauna van de terreinen. We vinden in de zinkterreinen allerlei bijzondere dagvlinders, zoals de Zilveren maan en de Kleine parelmoervlinder, maar ook reptielen zoals de Gladde slang. Daarnaast is er tijdens de lezing aandacht voor het historische aspect met betrekking tot de zinkwinning en de resten daarvan.
Graag begeleiden we u ook tijdens een aansluitende wandeling door één van de zinkgebieden in onze omgeving.

Veenmossen.

     

Tijdens deze avond maakt u kennis met een bijzondere plantengroep. Veenmossen groeien op standplaatsen die nat en koel zijn. Daar zijn ze het best op hun plek. In onze omgeving vinden we veenmossen onder meer op de Brunssummerheide en op de Hoge Venen. In de Baltische Staten vinden we nog uitgebreide hoogveengebieden met veel meer soorten. Tijdens deze lezing worden de opbouw van de mossen, de determinatiekenmerken en de kenmerken van de verschillende groepen veenmossen besproken. Ook wordt er ingegaan op de andere soorten planten in hoogveengebieden. Desgewenst kunnen we voor u ook een excursie verzorgen met veel aandacht voor veenmossen. Dit kan in de omgeving van Monschau, de Teverener- en Brunssummerheide of de Hoge Venen.

Kleur in planten.

     

In de herfst verkleuren planten in allerlei bonte kleuren. Dit komt omdat ze het bladgroen terugtrekken en daardoor de overige pigmenten gaan overheersen. Bij enkele soorten planten is de verkleuring een gevolg van temperatuursverschillen, bij andere soorten hangt het van andere omstandigheden af, bijvoorbeeld stress die ontstaat door de ondergrond of door een tekort aan water. Welke kleurstoffen in planten voorkomen en waarom planten verkleuren, daar gaat het om in deze lezing.

Inheemse bolgewassen (Liliaceae).

               

Tijdens deze lezing zal er worden ingegaan op de verschillende soorten bolgewassen. Een bolgewas is een plant die overwintert door in een al of niet ondergrondse bol, in feite een bolvormige ophoping van vlezige bladeren, voedsel op te slaan. In het algemeen gaat het hier om éénzaadlobbige planten (Monocotylen). Bolgewassen ofwel geophyten zijn planten die speciale mechanismes hebben om de winter door te komen. Vaak bloeien ze al in het vroege voorjaar. In onze omgeving komt een aantal soorten in het wild voor, waaronder Geelsterren (Gagea sp.) en Daslook (Allium ursinum). Wanneer we de grens over duiken neemt het aantal soorten sterk toe, daar vinden we Wilde narcissen (Narcissus pseudonarcissus), Vroege sterhyacint (Scilla bifolia), Boshyacint (Scilla non-scripta) en Lenteklokje (Leucojum vernum). Mooie gebieden met veel bolgewassen liggen vlakbij. Onder meer het Savelsbos, het Geuldal, de Eifel, de Ardennen en het Siebengebirge. Ook de bossen rondom Brussel zijn een bezoek meer dan waard om te genieten van bolgewassen. En wat te denken van de vele stinzenplanten op de landgoederen in Limburg. Naast deze min of meer inheemse soorten wordt er ook een uitstapje gemaakt naar soorten die verder weg voorkomen, onder meer in het Middellands zeegebied. En natuurlijk worden de Tulpenbol, Hollands exportproduct bij uitstek, en de bollenvelden niet vergeten.
Deze lezing is te combineren met een wandeling onder onze leiding door de narcissendalen in de Eifel of het Geuldal.

Akkeronkruiden.

     

In akkers groeiden van oorsprong allerlei bijzondere planten, zoals Klaprozen en Korenbloemen. Door het opschonen van het zaaigoed, een intensievere grondbewerking en het gebruik van pesticiden verdwijnen echter steeds meer soorten uit onze akkers. Slechts hier en daar groeien van nature nog akkeronkruiden in akkers, de meeste soorten zijn echter verdwenen en zijn enkel nog te vinden in akkerreservaten. Datzelfde geldt voor de typische dieren die in akkers voorkomen zoals Patrijs, Kwartel en Korenwolf. In deze lezing komen de verschillende soorten akkers voor met elk hun eigen gemeenschappen van akkeronkruiden, zoals die van de zandgronden, van de löss en van de rijkere gronden. Tijdens de lezing is er aandacht voor de vele soorten planten in akkers en over de verschillende soorten plantengemeenschappen die in akkers voorkomen. Ook worden de verschillende akkerreservaten in Limburg, de Eifel en ook bij Hitzacker aan de Elbe voorgesteld.
Ter verduidelijking verzorgen we ook excursies naar verschillende akkerreservaten in Zuid-Limburg en aangrenzend buitenland.

Schermbloemigen (Apiaceae).

De familie van de schermbloemigen heeft als gemeenschappelijk kenmerk dat veel soorten holle stengels hebben en dat ze een opvallende geur hebben. Diverse soorten worden ook in de keuken toegepast, denk onder meer aan Kervel, Anijs, Karwij, Venkel en Peen. Daarnaast zitten er ook zeer giftige, zelfs dodelijke soorten bij waaronder Gevlekte scheerling en Waterscheerling. Bij alle soorten bestaat de bloeiwijze uit een scherm, een bloeiwijze waarbij alle bloemstelen uit een punt ontspringen. Deze lezing is bijvoorbeeld geschikt tijdens een cursus over de verschillende plantenfamilies. Er wordt ingegaan op de algemene kenmerken van de familie der lipbloemigen, maar ook op de soorten. Daarbij wordt bekeken waar de soorten voorkomen, wat hun opvallende kenmerken zijn en bij de soorten die als kruid worden gebruikt, ook op de toepassing ervan.


Lipbloemigen (Lamiaceae).

     

De lipbloemigen vormen een grote groep binnen de planten. Deze familie dankt haar naam aan het feit dat de kroonbladeren tot een boven- en een onderlip zijn samengegroeid. Veel soorten uit deze familie, zoals Marjolein, Tijm, Salie, Munt en Citroenmelisse, worden als keukenkruiden gebruikt. Ze zijn herkenbaar aan de etherische olien die de planten bevatten. De opvallende geur is sowieso ook opvallend binnen deze groep, denk aan de typische geur van Hondsdraf, van Witte dovenetel of van Bosandoorn. Bij bijna alle soorten is de stengel vierkant en staan de bladeren paarsgewijs tegenover elkaar. Deze lezing is bijvoorbeeld geschikt tijdens een cursus over de verschillende plantenfamilies. Er wordt ingegaan op de algemene kenmerken van de familie der lipbloemigen, maar ook op de soorten. Daarbij wordt bekeken waar de soorten voorkomen, wat hun opvallende kenmerken zijn en bij de soorten die als kruid worden gebruikt, ook op de toepassing ervan.

Overlevingsstrategieën bij planten.

Hoe gaan planten met hitte, kou, zout en zware metalen om? Vele planten zijn in staat op extreme standplaatsen, waar ze blootgesteld worden aan bijvoorbeeld hitte, kou of gifstoffen, te overleven. Tot deze standplaatsen behoren woestijnen, gebieden rond de poolcirkel, bergtoppen, stranden, maar ook steenbergen of gebieden met zware metalen. In deze lezing wordt verduidelijkt hoe planten met deze extreme situaties omgaan en in staat zijn toch op deze plekken te overleven.

Algemene lezingen:

GaiaZoo, dieren in de Dierentuin.

     

In 2005 werd in Kerkrade een nieuwe dierentuin geopend die verassend modern van opzet is, de dieren leven in grotendeels ruim opgezette en fraai ogende verblijven. Ook aan de aankleding van de omgeving is, zeker in de vorm van de beplanting, veel aandacht besteedt. GaiaZoo is ook een dierentuin waar niet zozeer het verzamelen en tonen van zoveel mogelijk dieren voorop staat, maar eerder het welzijn van de dieren en het educatief aspect.
Met educatief wordt bedoeld dat men poogt de bezoeker inzicht te geven in het leefgebied van de soort, het samenleven van de verschillende diergroepen en, heel vernieuwend, de samenhang tussen de huidige dieren en de soorten die in vroegere geologische periodes in soortgelijke biotopen leefden. Dit laatste poogt men door landschappen uit andere periodes na te bouwen en deze te vervlechten in de route zodat men de huidige dieren en hun uitgestorven voorgangers in samenhang ziet. Zo is er bijvoorbeeld een stuk toendra uit de Ijstijden te zien. Hier worden Mammoeten getoond, maar ook een hut van rendierjagers. Na deze toendra komt men langs dieren die nu in de toendra leven, zoals Rendieren en Muskusossen.
Tijdens de lezing komen (bijna) alle dieren in de Zoo aan bod. En dat zijn er nogal wat, Wolf, Lynx, Bever, Ransuil, Veelvraat, Oehoe, Eekhoorn, Kraanvogel, Otter, Mammoet, Grote kudu, Giraffe, Zebra, Bongo, Stokstaartje, Gorilla, Mergellandschaap, Korenwolf, Capibara, Luipaard en ga zo maar door. Het aanbod aan dieren in Gaiapark verandert voortdurend, evenals onze lezing. In het voorjaar van 2008 kwamen Neushoorns en Grootoorvossen naar het park en sinds 2009 is er ook de Dinodome. In 2011 kwamen daar Leeuwen en Bruine boshonden bij.


Paddenstoelen, vormen- en kleurrijk!

          

Tijdens deze lezing wordt ingegaan op de kleur- en vormenrijkdom van deze mysterieuze herfstschoonheden.
Paddenstoelen zijn het hele jaar door aanwezig, maar pas in de herfst vallen ze echt op, dat komt omdat er dan opeens veel meer soorten verschijnen en de paddenstoelen die in de herfst te zien zijn vaak ook veel groter zijn. Maar eigenlijk zijn paddenstoelen het hele jaar door te zien.
Midden in de winter groeien er zelfs bijzondere soorten in de Limburgse natuur. Zoals een opvallende nieuwkomer, de Rode kelkzwam, die afkomstig is uit de Alpen. In de winter groeien in het bos ook de zogenaamde houtzwammen, allerlei paddenstoelen die te vinden zijn op levend en op dood hout. U kent er vast een aantal van, bijvoorbeeld het Elfenbankje, de Berkenzwam of de Tonderzwam. In het voorjaar komen er allerlei nieuwe soorten bij, waarvan de bekendste misschien wel de Morieljes zijn. Maar dan vindt je ook de fraaie Zwavelzwam met zijn fel oranje-gele kleur. Paddenstoelen hebben allerlei vormen, van de normale hoed met steel paddenstoel tot de opvallende vorm van bijvoorbeeld de Grote stinkzwam of de Traliezwammen. Bijzondere aandacht is er voor de merkwaardig gevormde Aardsterren. Paddenstoelen zijn ook zeker niet alleen maar bruin, maar kennen allerlei bonte kleuren, van geel, rood, groen tot paars, bijna alles komt voor. Natuurlijk wordt de Vliegenzwam, rood met witte stippen, niet vergeten. Tijdens de lezing zult u ook zien dat paddenstoelen een grote variatie in vorm, kleur, biotoop en voorkomen per jaargetijde kennen. Zo worden de Rode kelkzwam, een bijzondere winterpaddenstoel, Morieljes uit het voorjaar, de Spechtinktzwam uit de herfst en nog veel meer fraais vertoond. De lezing is rijk geilustreerd met dia´s.
Deze lezing kan worden gecombineerd met een door ons geleide paddenstoelenexcursie op bijvoorbeeld de Brunssummerheide.

Hoog- en laagveengebieden.

     

In deze lezing wordt ingegaan op de verschillende soorten veengebieden. Ten eerste de hoogveengebieden, die groeien in gebieden waar het grondwater geen invloed meer heeft. Hier groeien bijzondere soorten veenmossen, maar ook zonnedauw, lavendelheide en veenbessen. Ook leven er dieren als de Veenbesparelmoervlinder, het Veenbesblauwtje, de Levendbarende hagedis en het Korhoen. In laagveengebieden liggen plassen die langzaam volgroeien met waterplanten zoals Krabbenscheer, Pijlkruid en Riet. Hier leven watervogels, otters en Ringslangen. Overgangsvenen vormen de overgang tussen deze twee en worden gekenmerkt door onder meer Slangenwortel, Waterdrieblad en Beenbreek.
Deze lezing kan worden gecombineerd met een wandeling onder onze leiding door de Hoge Venen, waarbij de verschillende gebieden en hun planten worden getoond.


Neophyten en neozoöen: Nieuwe planten en dieren in onze natuur, aanwinst of last ?


     

In onze natuur vinden we steeds meer planten en dieren die hier oorspronkelijk niet thuishoren. Ten dele zijn deze vanzelf hier terecht gekomen, ten dele zijn ze hier bewust of onbewust door de mens hierheen gebracht. Enkele soorten verdwijnen na enkele jaren weer, anderen doen het zo goed dat ze de inheemse soorten verdringen. Denk maar eens aan de Roodwangschildpad, de Reuzenberenklauw, het Bezemkruiskruid, de Manderijneend of de Halsbandparkiet. In deze lezing is er aandacht voor de verschillende soorten, over hun herkomst en welke rol ze in onze omgeving spelen.

Beukenbossen in Europa.

     

De oorspronkelijke begroeiing in de iets hoger gelegen delen van Midden-Europa bestond uit beukenbossen. Helaas zijn door verschillende oorzaken veel van deze bossen verdwenen en hebben ze plaatsgemaakt voor naaldbossen of andere aangeplante bossen. Toch vinden we hier en daar nog fraaie beukenbossen. Wie kent niet de fraaie voorjaarsflora met daarin Bosanemonen, Speenkruid, Gele anemoon, Lenteklokje, Leverbloempje, Aronskelk, Schubwortel en Salemonszegel. Deze uitbundige flora vinden we echter alleen in beukenbossen op kalkrijke bodems. Op zure bodems komt de flora er maar bekaaid vanaf. Hier vinden we Bosanemonen, Klaverzuring, Wolfskers en Witte veldbies. Door een vergelijking tussen de bossen in Nationaalpark Eifel en Nationaalpark Hainich wordt gepoogd het verschil aan te tonen tussen deze twee bostypes. Naast voor flora is er ook aandacht voor de paddenstoelen en dieren.
Deze lezing is te combineren met een door ons geleide wandeling door de beukenbossen van Nationaalpark Eifel of van het Siebengebirge, hetgeen bijzonder fraai is in de herfst wanneer de bossen hun herfsttooi dragen.

Wie sjoen os Limburg is.

     

Een lezing met aandacht voor natuur en cultuur van Limburg. Het zuiden van Nederland is uniek door zijn heuvels en zijn fraaie natuur.
De kalkondergrond zorgt voor een aparte plantengroei en het milde klimaat maakt het leven van allerlei soorten planten en dieren uit zuidelijk streken mogelijk. Denk onder meer aan orchideeen, wilde marjolein en tijm. Bijzonder is ook de rijke voorjaarsflora in de hellingbossen met hun bronbeekjes. Aan dierenleven vinden we in Limburg de Korenwolf, een soort hamster die in de graanakkers leefde en sinds enkele jaren weer wordt uitgezet. Andere typische Limburgers zijn de Koninginnepage, de Hazelmuis, de Vuursalamander en de IJsvogel.
Heel typerend voor de Limburgse dorpen is het gebruik van vakwerk en natuursteen. In de omgeving van Epen wordt Carbonische kolenkalksteen gebruikt en in het mergelland de kalksteen uit het Krijt. Bijzonder fraai zijn de hoogstamboomgaarden rondom de dorpen waarvan het fruit gebruikt wordt voor de productie van stroop.
Regelmatig vinden in Limburg schuttersfeesten en processies plaats, een kleurrijk gebeuren. Ook het Carnaval is een kleurenfestijn. Dit wordt in iedere plaats weer anders gevierd. Het Maastrichtse carnaval is typisch een feest van grote gezelschappen en het carnaval in Kerkrade is juist weer het feest van de "ainselgenger", individuen die op hun eigen wijze het feest invullen.
Er staan prachtige kerken in deze provincie waaronder die van de abdij Rolduc en de Sint-Gerlachuskerk in Houthem. Een tegenstelling vormt hiermee de modern beschilderde kerk van Wahlwiller.
Tijdens de lezing is er een afwisseling van natuur en cultuur uit de mooiste provincie van Nederland.

Cultuurhistorische lezingen:

Rome, de eeuwige stad in verleden en heden.

               

Rome is een stad waarin je kriskras door de verschillende eeuwen loopt. Vanaf het Forum Romanum, het Romeinse stadscentrum loop je in enkele minuten naar het Colloseum, het Romeinse amfitheater. Iets verderop ligt het immense grafmonument van Victor Emanuel, bijgenaamd de Suikertaart.
Rome kent ook een groot aantal kerken, van de Sint-Pieter in Vaticaanstad tot de San Clemente, met drie verdiepingen onder de grond. Midden door Rome stroomt de rivier de Tiber, met daarin het opvallende Tibereiland. Water is verder te vinden in de vele fraaie fonteinen in de stad, waaronder de grappige Schildpaddenfontein. Ook beroemd zijn de vele fonteinen van Bernini en wat dacht u van de overbekende Trevi-fontein. Enkele uitstapjes naar de Villa van Hadrianus of de prachtige parken in Tivoli met hun vele fonteinen wisselen de lezing af.
Kortom, een avond waarbij je zin krijgt in vakantie.

Toscane en Umbrië, een reis langs de hoogtepunten van kunst en cultuur.
     
     

Midden-Italië met zijn golvende heuvels, korenvelden en cypressenlanen staat centraal tijdens deze lezing. We bezoeken de stadjes die meestal hoog op de heuvels liggen en waarin de ene kerk nog fraaier is dan de andere. Ook zien we leuke kleine straatjes, pleintjes en fonteinen. Hier smaakt de wijn, het ijs, de worst en allerlei zoetigheden net een tikje lekkerder dan thuis. Ook merken we dat er heel wat heiligen uit deze streek afkomstig zijn, waarbij Franciscus van Assisi zeker de bekendste is.
In het omliggende landschap groeien zonnebloemen en olijfbomen. Ook leven er bijzondere dieren, waaronder vlinders, hagedissen en bont gekleurde vogels. Hier en daar komen we langs een Romeinse of Etruskische opgraving. Etruskische monumenten zijn vooral te vinden rondom Volterra. In Florence bekijken we onder meer de prachtige kerken, zoals de Dom en de Santa Croce, maar ook het Palazzo Vecchio en de overdekte Ponte Vecchio over de Arno. Nog een zeer bekende stad in Toscane is Pisa met zijn welbekende scheve toren, maar ook allerlei andere monumenten. Iets verderop ligt Lucca, met opvallende woontorens. Dit soort torens staan ook in San Gimignano. Monterigioni laat mooi zien hoe een plaatsje in Toscane er vroeger heeft uitgezien, omgeven door hoge muren. In Siena staat het prachtige raadhuis en vele mooie kerken. In Umbrie bezoeken we het Lago Trasimeno, maar ook de woonplaats van de Heilige Franciscus, Asissi. Verder bezoeken we onder meer Orvieto met zijn overweldigende dom, Spoleto met zijn enorme brug en Cortono. De Cascade della Marmore worden ook niet overgeslagen, evenals het Trasimeense meer.

Geur en kleur van de Provence.

     

De Provence is het verreweg het fraaiste stuk van Frankrijk. In het gebied liggen prachtige cultuursteden zoals Nimes, Arles, Avignon en Aix-en-Provence. Daarnaast is ook de natuur van een heel bijzondere aard. Niet alleen de Camarque, met zijn zoutmoerassen vol Flamingo ´s en andere watervogels, maar ook de okergroeves rondom Roussillion en de bijna 1900 meter hoge Mont Ventoux met zijn kale top zijn meer dan bezienswaardig. Opvallend is ook het steppegebied de Crau met allerlei bijzondere planten en dieren. Ook zeer bijzonder is de baaienkust bij Cassis, met zijn fraaie Calanques.
Er zijn bouwwerken uit vele eeuwen te vinden. De Maison Carree in Nimes, de Triomfboog in Orange en de Arenas van Nimes en Arles stammen uit de Romeinse tijd. Vlak in de buurt ligt de Pont-du Gard, een prachtig Romeins aquaduct.
Uit het begin van de 12e eeuw stamt de prachtige abdij van Senanque, omgeven door lavendelvelden. Uit de Late Middeleeuwen dateert het versterkte plaatsje Aigues Mortes. Daarnaast bekijken we de diverse plekken waar Vincent van Gogh vertoefde, zoals het klooster in Saint-Remy, maar ook de kerk van Saintes-Maries-de-la-Mer, midden in de Camarque. In deze kerk staat de Zwarte Madonna, die met name door zigeuners wordt vereerd. In deze lezing maakt u kennis met de cultuur en de natuur van dit prachtige stukje Frankrijk.

Algemene informatie over de lezingen.

De lezingen duren doorgaans 2 X 45 minuten, tussendoor kunt u een pauze inlassen voor koffie of thee. We proberen bij diverse lezingen gebruik te maken van dubbelprojectie, zodat u ook de details niet hoeft te missen. We projecteren onze beelden op twee schermen van 2 bij 2 meter.
Voor meer informatie over kosten, duur enzovoort kunt u contact opnemen met Olaf en Lisa Op den Kamp
tel. 045- 5354560 of info@eifelnatur.de.